IPv6 configureren op Windows Server
Kort antwoord
Voeg het IPv6-adres toe in Network Adapter Properties, onder Internet Protocol Version 6 (TCP/IPv6), naast je bestaande IPv4-configuratie. Vul adres, prefixlengte en gateway precies in zoals ze voor je server zijn aangeleverd.
Vul adres, prefixlengte en gateway precies in zoals ze voor je server zijn aangeleverd. Heb je die gegevens niet bij de hand, bekijk dan de details van de server in Portal of open een supportticket.
De stappen hieronder gebruiken 2001:db8:0:3d1::/64 als voorbeeld. Dat prefix is gereserveerd voor documentatie, dus het is nooit jouw echte subnet. Vervang het adres, de gateway en de DNS-waarden door je eigen waarden.
Het IPv6-adres configureren
Open Network Adapters
Druk op Win + R, typ ncpa.cpl en druk op Enter.
Open de eigenschappen van de netwerkadapter
Klik met de rechtermuisknop op je netwerkadapter en selecteer Properties.
Selecteer het IPv6-protocol
Selecteer Internet Protocol Version 6 (TCP/IPv6) en klik op Properties.
Voer een statisch IPv6-adres in
Selecteer Use the following IPv6 address en vul het volgende in, aangepast aan je eigen subnet:
| Instelling | Waarde |
|---|---|
| IP-adres | 2001:db8:0:3d1::2 |
| Lengte subnetprefix | 64 |
| Default gateway | 2001:db8:0:3d1::1 |
| Voorkeurs-DNS | je resolver naar keuze, zie Worldstream DNS-servers |
| Alternatieve DNS | een tweede resolver naar keuze |
Vink optioneel Validate settings upon exit aan, zodat Windows de configuratie voor je controleert.
Pas de configuratie toe
Klik op OK en sluit de overige configuratievensters.
Controleer de configuratie
Voer in Command Prompt een controlecommando uit, zoals ping naar een extern IPv6-adres, om te bevestigen dat de nieuwe configuratie goed werkt.